WWW ORDE VAN MALTA

 Archief  

27e Nederlandse Maltezer Bedevaart naar Lourdes
27 april - 2 mei 2006

Foto's van Informatieve Bijeenkomst maart 2006

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Groepsfoto Lourdesbedevaart 2006

 

 

 

 

Verslagen Lourdesbedevaart 2006

1. Tom Jansen: Klein Hollands Dagboek van de Maltezer Lourdes Bedevaart – 2006

2. Bezoek van de Vorst Grootmeester.

De huidige 78e Vorst Grootmeester Frá Andrew Bertie bracht een bezoek aan onze gasten tijdens onze 27e bedevaart naar Lourdes op maandagavond 1 mei 2006 om 18.30 uur, vergezeld door o.a. leden van zijn Souvereine Raad. Alvorens alle gasten, die zich op dat moment in de eetzaal bevonden, de hand te schudden heeft de bedevaartdirecteur van de Afdeling Nederland, Maurice de van der Schueren, namens de Vorst Grootmeester een woord tot onze gasten gericht. In verband met een keeloperatie kon de Vorst Grootmeester niet zelf het woord voeren, daar zijn stem erg verzwakt was. Na elke gast persoonlijk en aandachtig de hand te hebben geschud, schudde Frá Andrew Bertie vervolgens stevig de hand van de bedevaartdirecteur met de onvergetelijke woorden "Tot ziens!". Op de (snel genomen) foto staat Maurice de van der Schueren met de handen samengevouwen voor de borst waarbij links naast hem Frá Andrew Berti.

 

3. De Gepolijste Steen

Hoe maak je van een grove rots een glimmende gepolijste steen? Vanzelfsprekend kan men een individueel zwaar werktuig inzetten om de klus te klaren. Probleem is dan dat de Liefde niet in de steen ingesloten zit. Als men er iets moois van wilt maken moet het heel rustig gebeuren  door er langdurig over te strelen en strijken met vele handen waarbij er regelmatig controle plaats moet vinden hoe ver men is. Met deze werkwijze verkrijgt men een mooier resultaat. Als de rotssteen wat groot uitgevallen is, moeten er ook evenredig meer handjes worden ingezet.

Volautomatische Antwerpse diamantslijpmachine
Zo is dat ook gebeurt met de Grot van Lourdes. Niet echt een diepe grot maar wel een rotswand met inham waarin men kan schuilen. Honderdvijftig jaar geleden, bij de eerste verschijning van de Heilige Maria te Lourdes, kwamen daar al mensen langs en streelde met hun handen langs de wanden. Een half miljard handen later is het resultaat wonderbaarlijk. Steenkenners beweren dat deze rotswand de mooiste steen is die men zich maar kan indenken. Gemaakt door vele liefdevolle handen. En elk jaar wordt deze rots door de vele handen gladder gepolijst. En elk jaar komen vele terug om te controleren of de steenrots mooier is geworden.

Iets vergelijkbaars op kleinere schaal is gebeurt tijdens onze 27e bedevaart naar Lourdes met de Benjamins van dit jaar. De broertjes Larive waren door oom Gerard gelokt mee te gaan op vakantie naar de Pyreneeën. Om het te laten lukken werd hen verteld dat de reis was voorzien van TGV, volpension en voldoende zakgeld. Niets vermoedend verscheen voor hen, naast de Heilige Maagd Maria en vele sacramenten, ruim honderd op een uniforme wijze geklede ‘vaders en moeders’. Soms in de gedaanten als strenge doch rechtvaardige docenten maar altijd op een zachte wijze richting gevend in het voor hen onbekende. Ze hebben allemaal Fabian en Laurant glimlachend de weg gewezen. Er werd regelmatig bijgepraat, ze mochten de vaandelwacht vormen, de Ruban Rouge van de Vorst Grootmeester ontvangen, de Abt van abdij van Koningshoeven de hand schudden, er werden opdrachten gegeven en er werd geduldig uitgelegd hoe ze het een en ander moesten zien, zodat langzaam maar zeker de grove rotsstenen, die ze volgens vele waren, volledig en op de juiste wijze gladgestreken werden. Wat zij hebben gezien, gehoord, gevoeld kan uit geen boekje worden gelezen maar ze hebben in korte tijd zoveel geleerd dat zij de academische Masterclass van hun leven hebben gehad. Het hele gebeuren is als een snijbrander in hun geheugen gegrift. Ze zijn diep geïnfecteerd met het Lourdesvirus. Maar bovenal, het blijken nu juweeltjes te zijn.

Wij hopen dat zij tijdens de bedevaart van hun eigen leven regelmatig terugdenken aan deze tijd. Wie weet welke pet zij in de toekomst zullen mogen dragen. Wellicht meerdere petten tegelijk. Maar geconcludeerd mag worden dat zij nu waardig genoeg zijn de “Zwarte Pet Met Octogonische Maltezerkruis” te dragen die door de directeur persoonlijk werd uitgereikt tijdens het ontvangst in de Pianobar in Hotel Paradis.

Maurice de van der Schueren

 

4. Lourdes, enige impressies

De Ridderorde van het Heilig Graf van Jeruzalem loopt elk jaar in september mee in de Kreuztracht-processie in Kranenburg (Duitsland) bij Nijmegen. Ook de Maltezers nemen daaraan deel. Bij de gezamenlijke lunch na de processie had ik het genoegen naast Maurice te zitten en heb ik me eens in een overmoedige bui laten ontvallen dat ik nog nooit in Lourdes geweest was en ik er best wel eens naar toe wilde gaan. Ik was dan ook blij verrast toen ik een uitnodiging tot deelname van het Lourdescomité ontving. Wegens een vakantie in Andalusië was ik verhinderd op de eerste  informatieve bijeenkomst op 5 maart in het Maltezerhuis aanwezig te zijn. Gelukkig kon ik wel op de Bedevaartbriefing voor pelgrims op 23 april 2006 present zijn.

Wat  me meteen opviel was de perfectie van de organisatie, tot in de kleinste details. Mijn naam stond gedrukt op een mapje in de Maltezer kleur rood. Ook de briefing verliep volgens de organisatorische management-regels, zoals je dat bij grote bedrijven ziet. Gewapend met mijn uniformen vertrok ik weer huiswaarts, waar mijn man zich als analyticus met zeer veel interesse over het rode boekje met de taakomschrijving voor de pelgrims boog. Na een grondige bestudering was zijn  verontrustende conclusie dat het programma véél te overladen was. Bovendien meende hij dat het weinige slapen me zou opbreken. Ik hoefde niet naar huis te bellen, want daar had ik volgens zijn berekeningen überhaupt geen tijd voor. Hij bracht me liefdevol woensdag 26 april naar ”Koningshoeven” onder de opwekkende woorden dat hij de dinsdag daarop me zou komen ophalen, als ik het tenminste overleefd had! Verder wenste hij me grijnzend een goede reis! Dat was het dan!

Het was heerlijk om in de mooie lentetuin af te kicken van het werk en met de Trappisten de Completen mee te bidden. Van Vader Abt kregen we de zegen voordat we naar bed gingen. Ik werd de volgende dag wakker toen de kerkklok om 04.30 uur luidde voor de Lauden en spoedde me met koffer en al naar beneden om niets van het schouwspel te missen. Mannen met stofjassen sleepten in het schemerdonker koffers en kisten, de gasten werden opgevangen, ieder had zijn taak, alles liep geolied. En zo was eigenlijk de hele reis. Aan de kleinste details was gedacht. De inspectie van het uniform, de witte schuifspeldjes voor het kapje, de plastic bekertjes in de kleuren van de Maltezers, de oranje tulpen en de flessen Oranjebitter die vanuit Nederland waren meegenomen voor Koninginnedag, de zonnehoeden voor de gasten. Te veel om op te noemen.

Ik wist helemaal niets van Lourdes af. De Lourdes voorbespreking had ik niet ontvangen, omdat ik 5 maart niet aanwezig was geweest en van de Maltezerbedevaart wist ik al helemaal niets af. Ik kende alleen Maurice en vier leden van de Ridderorde van het Heilig Graf die ook meegingen, that was all!

Wat heeft mij nu het meest geraakt?

De hartelijkheid en de warmte van de pelgrims jegens de gasten, die in mijn ogen toch wildvreemde mensen waren. Zo ontroerde het mij dat de pelgrims bij de Openingsmis op vrijdagochtend 28 april bij de vredeswens de gasten de hand gingen geven. Het was zo’n lief gebaar. Ubi Caritas et Amor, Deus ibi es!

Elke dag was er wel een hoogtepunt. Het is moeilijk een keuze te maken.

De Sacramentsprocessie op zondagmiddag vond ik erg sereen. De eindeloze stoet prachtig in de pas lopende Maltezers uit de diverse landen, afgewisseld met groepen zieken. Josien, Hubert en Steven hadden een prominente plaats bij het Allerheiligste en Berend-Jan liep bij de afgevaardigden uit de verschillende landen. Het mooie weer, de prachtige outfit van de Maltezers en de meegevoerde vaak, zwaar geestelijk en lichamelijk gehandicapten stonden in scherp contrast met elkaar. De schoonheid en het leed. Het maakte een diepe indruk op mij en ik was dan ook blij dat ik een grote donkere zonnebril op had die mijn ogen volledig bedekte.

En dan natuurlijk de lichtprocessie en de ziekenzalving met het prachtige bedankje in dichtvorm van een zieke, die zoals ze me later vertelde, al door zes artsen was opgegeven en de begrafenispolis bij zich had.

De uitreiking van de Ruban Rouge door de Vorst Grootmeester en het kruisje van Eduard…

Voor mij persoonlijk heb ik de Bedevaart als karaktervormend ervaren. Ik ben zo vaak gecorrigeerd en ik heb zoveel reprimandes gehad. Dat is soms wel eens goed voor een mens als ik, die niet in een hiërarchische verhouding tot een werkgever staat en daardoor nooit een functioneringsgesprek heeft. Daar komt nog bij dat ik door mijn ouders en schoonouders en man door en door verwend ben.

Je leert oog voor de zieke medemens te krijgen, je dienstbaar op te stellen en samen te werken met mensen die je eigenlijk qua karakter helemaal niet liggen en die je in het normale leven zou mijden.

 De Bedevaart zit er weer op, de witte roos van mevr.van de Boogaard als dank voor de goede zorgen staat in een zilveren vaasje op mijn bureau voor de grote groepsfoto die gemaakt is na de Pontificale Internationale Hoogmis op het plein bij de Gekroonde Maagd als aandenken aan vijf indrukwekkende dagen.

Ik hoop niet dat je ervan spijt gehad hebt, Maurice, dat je me uitgenodigd hebt!

Dr. Mr. Renske Wijshoff-Vogelzang, advocaat en procureur

 

 
 

© Copyright Orde van Malta,  Associatie Nederland