|
28e
Nederlandse Maltezer Bedevaart naar Lourdes
4 mei - 9 mei 2007
Pastoraal Thema
‘LAAT U MET GOD VERZOENEN’
(Jaarthema 2007 te Lourdes)
Door: Jean-Marie M.F.G. Bosch van Drakestein
Ridder van Eer en Devotie in Obediëntie in de Orde van Malta
uit de tweede brief
van Paulus aan de Korintiërs (2 Kor 5, 20): Wanneer Paulus aan de Korintiërs
schrijft, stelt hij: Uw relatie met God is niet goed. Soms vergeet u Hem, soms
doet u het omgekeerde van wat Hij vraagt. Soms bent u geneigd Hem helemaal te
negeren. U moet de dialoog opnieuw aanknopen. U moet het vertrouwen terugvinden.
God geeft u een teken: zijn Zoon Jezus, die zelfs zijn leven voor u geeft.
Christus kan u met God verzoenen. Een voorwaarde: “Laat u met God verzoenen!”
Van de verzoening
naar de bekering: Jezus kwam in Galilea de goede boodschap van God verkondigen
en zei: “De tijd is rijp en het koninkrijk van God is ophanden. Bekeert u. Heb
geloof in de goede boodschap.” (Marcus 1, 14-15)
Wij moeten ons
bekeren. Wat is die bekering eigenlijk? Wat houdt dat in?
We moeten eerst
onze visie op God veranderen. God is geen strenge rechter, noch een
onverschillige toeschouwer. Hij verwacht van ons openstelling en een antwoord
van geloof, hoop en liefde. Zijn liefde is onbegrensd. ‘Deus caritas est’, God
is liefde. Hij is de vader van de verloren zoon, die Hij met ongeduld verwacht
en naar wie hij toeloopt van zodra Hij hem ziet. Ook al hebben wij ons van Hem
afgekeerd en zijn, op welke wijze dan ook, onze eigen weg gegaan, dan nog zijn
wij altijd weer bij Hem welkom als wij ons omkeren, de keerbeweging maken en ons
op Hem richten. Hij staat met open armen voor ons klaar en loopt op ons toe als
hij ons aarzelend ziet naderen.
We moeten onze
visie op het leven en de wereld veranderen. God helpt ons door de stem van ons
geweten. Daarom helpt God ons met de “tien woorden”, die we gewoonlijk “de tien
geboden” noemen: zij gelden voor alle mensen. Jezus verkondigt aan zijn
leerlingen de Zaligsprekingen. Het zijn geen dwingende regels voor een goed
gedrag. Het zijn de toegangspoorten tot het Rijk van God. Het is onze eigen
bekering die ons in volle overtuiging en naar eigen vrije wil die 10 geboden
doet volgen. Volledig vrij, maar vol van overtuiging in het geloof van God.
We moeten ten
slotte onze visie op onszelf veranderen. We moeten aanvaarden dat we ons hebben
vergist, dat we verkeerd hebben gehandeld of dat we niet hebben gehandeld toen
het moest of gevraagd werd. Die fouten maken wij herhaaldelijk, maar dat is geen
reden om te berusten. Uiteindelijk moeten we aanvaarden dat we niet langer naar
onszelf kijken, noch om ons te rechtvaardigen noch om ons te veroordelen: laten
we ons aan God toevertrouwen, die ons beter kent dat wij ons zelf kennen. Uit
vrije wil en in volle overtuiging de keerbeweging naar Hem maken.
Van de bekering
naar de boete: “Zich bekeren” is te vertalen als: “berouw hebben” of “boete
doen”. In de bekering zit zowel iets pijnlijks als iets bevrijdends. Wanneer de
verloren zoon beslist naar zijn vader terug te gaan (Lucas 15, 17), klinkt hij
niet verheugd. Toch is het de oplossing voor hem en hij heeft voldoende
vertrouwen in zijn vader om zeker te zijn dat deze zich niet zal wreken. Het
zelfde geldt voor Petrus, die Jezus na zijn arrestatie driemaal heeft verraden.
’s Morgens komt Jezus uit het huis van de hogepriester. Zijn blik kruist die van
Petrus. Ongetwijfeld een blik van verwijt én van uitnodiging tot vertrouwen:
“Petrus weende bittere tranen” zegt de evangelist (Lucas, 22, 62).
De weg van de
bekering is moeilijk. Het kan vreselijk moeilijk zijn te accepteren dat je de
verkeerde weg hebt gekozen, dat je fouten hebt gemaakt. Dat toegeven is moeilijk
en pijnlijk. Daarom vraagt Maria aan Bernadette en aan ons voor de zondaars te
bidden. Het is een aspect van het katholieke geloof: iedereen is voor zich zelf
verantwoordelijk, maar ook voor onze naasten. Wij zijn niet alleen. Er zijn de
broeders en zusters op aarde, met wie we onzichtbaar verbonden zijn. Samen
vormen wij de gemeenschap van de heiligen, van alle heiligen. Ook bij de
schuldbelijdenis in de viering op zondag vragen wij onze broeders en zusters
voor ons te bidden. Het besef dat er andere mensen zijn die zoveel om jou geven
dat zij oprecht voor jou bidden is hart verwarmend en geeft een enorme kracht.
Precies de kracht die nodig is om te bekeren, te bekennen, te verzoenen en
vergeving te vragen.
De zieken en de
mensen die in hun dienst staan. Ziekte, ouderdom en handicap maken indruk. In
Lourdes krijgen de betrokkenen de eerste plaats. De ziekenhelpers en –helpsters
in hun werk lijken gelukkig dit te mogen doen, op eigen kosten en staan daarvoor
zelfs een deel van hun vakantie af. Dat roept vragen op over de werkelijke
waarde van de dingen. Sommigen ontdekken zo de leegte van hun eerdere leven, al
was het schijnbaar goed gevuld. Hier ligt de meerwaarde van de mystieke
vereniging met God en Zijn oneindige liefde, die leid tot verlossing van alle
kwaad en tot bevrijding en de zin, de volheid van ons leven.
De ervaring die men
moet beleven, dat is binnengaan in de Grot. “Ik ben niet alleen: terwijl sommige
mensen voor de Grot bidden, gaan anderen mij voor of volgen mij in mijn trage
processie om er zelf binnen te gaan. Ik zie de bron van zuiver water, die me
herinnert aan mijn doopsel, het nieuwe leven als kind van God. Helemaal
achteraan in de Grot is het duister: de zonde belet mij helder te zien, maar ik
(be)keer me naar het licht: Christus en de heiligen. Die weg ben ik ook gegaan
onder de blik van Maria, waarvan het beeld in de nis staat, maar die aan
Bernadette zei dat ze niet ver is van elk van ons. De Grot bezoeken is een mooie
symbolische weg van bekering.”
Jezus heeft de
vergeving van God strikt verbonden met de vergeving aan onze medemensen. We
vinden dat ook terug in het Onze Vader: ... vergeef ons onze schuld zoals ook
wij aan anderen hun schuld vergeven.
De vergeving kan
niet worden opgedeeld. Wij kunnen aan God geen vergeving vragen terwijl we onze
naasten niet vergeven. Het gaat ook om een wilsintentie. Een diep gemotiveerde
aandrang van binnen. In die zin is het ook een groeiproces, een ontwikkeling.
Net als jouw geloof groeit, bloeit en vrucht draagt, zo ontwikkeld zich ook jouw
inzicht m.b.t. het goede, het geweten en de behoefte tot zuivering, bekering,
bekentenis en vragen om vergeving. Een proces dat zwaar kan zijn en pijnlijk,
maar ook een verlichting biedt een bevrijding, zelfs verlossing.
Wetend dat zo velen
ook voor jou bidden, voor jou zorgen omdat zij om jou geven, dat geeft moed. In
Lourdes is die zorg, die betrokkenheid zichtbaar als nergens anders. Het is een
bron waaruit liefde komt, Gods liefde, die wij opvangen als stromend water en
doorgeven aan onze naasten. De verlichting die komt als wij Zijn Woord tot ons
nemen zoals Bernadette het kruid at toen Maria het haar vroeg. In het volste
vertrouwen, diepe overtuiging en oprecht geloof dat zich uit in woord en in
daad.
|